Same same, but different…

“Hieieie Mooi! ha ha ha”, bulderde de in de oranje pij gestoken monnik, toen ik antwoordde dat het woord voor beautiful in het Nederlands mooi is. Ik vond de monnik al verdacht werelds. Nu is het misschien wel zo dat zowel in Laos als in Thailand zowat alle jongens een tijdje in de Boeddistische leer gaan- ook de minder vrome zielen- maar bij deze gast had ik wel heel ernstige twijfels over de oprechtheid van zijn toewijding aan het hogere.
Ik kwam hem tegen bovenaan een ellenlange trap die naar een tempel leidde in het gehucht Huay Xai, Laos, net over de grens van Thailand. Bovenaan de trap lagen twee waakhonden te doen wat alle Lao honden, katten en mensen de hele dag doen; slapen. Achter de honden doemde de monnik op. Hij rookte een peuk en stond een beetje met zijn mobiel te spelen. Of ik ook rookte, wilde ie weten, maar dan de ‘happy’ sigaretten, grijnste hij. Na wat culturele uitwisselingen (namen van voetballers) kwamen we op het woord ‘mooi’ en begon hij te grinniken. Blijkt in het Lao namelijk vrouwelijk schaamhaar te betekenen, een begrip dat de monnik overigens uitstekend nonverbaal wist na te pantomimen. Ik beloofde hem plechtig het woord nooit hardop te zeggen in zijn land. Later hoorde ik van mijn Poolse vriend Marcin dat dezelfde monnik (Marcin noemt ze ‘monkeys’, da’s Pools-Engels voor kleine monniken) hem happy sigaretten had aangeboden en hem voor een special price wel de tempel van binnen wilde laten zien. Niet te vertrouwen dus, die oranje pappiers.
Wat zou deze monnik trouwens op zijn kerfstok hebben gehad dat hij zijn pij zo aan de wilgen heeft gehangen?
Het mooie aan Laos is dat je de sekstoeristen en het allerergste Benidormpubliek achter je laat (gehoord op de markt in Chiang Mai: “Heb ‘ie die Gucci bril nog gekocht dan Ger?”. Spreker: vrouw met huid van verfrommeld perkament, lillend vlees). Ik belandde nogal in een cultuurschok door de hoeveelheid toeristen in Thailand. En toen kwamen daar die vieze Duitse gasten die in de hotelkamer naast me zaten en elke avond een verse Thaise tiener mee naar huis namen nog bovenop. En dan vervolgens op het balkon een beetje tegen over elkaar gaan lopen opscheppen wie het beste happy end heeft gekregen.. Met mijn Nederlandse buren (toevallig bekenden uit Amsterdam – tja…) broedde ik op een tegenoffensief; aankloppen bij dikke Duitse sekspad en het meisje en haar een paar honderd baath aanbieden om zich snel uit de voeten te maken en echt een leuke avond te hebben. Niet gedaan uiteindelijk, helaas…
Iets volkomen anders, maar ook gehoord op de straten van Chiang Mai: het kleine stemmetje van een man – of eigenlijk een jongen nog- die als een krabbetje in het donker over de straat kriepte omdat hij alles – echt alles- miste wat zich onder de maag bevindt. Ik schrok me dood toen zijn uitgestoken handje opeens aan mijn schenen kriebelde en hij om wat geld vroeg. Breg; Hoe kan dit, anatomisch gezien? Erik & Lied: volgens mij heb ik iemand gevonden voor rompje…. đŸ™‚
Nog even een plaatje van mij als Thaise kok. En dan – hop- echt naar Laos.
Na twee dagen varen over de Mekong (13 uur! check de houten bankjes!) ben ik namelijk in een soort tijdscapsule terecht gekomen: Luang Prabang (LPB). Dit is zo’n stad waar je meteen verliefd op wordt. Ik in ieder geval wel. Een beetje New Orleans anno 18honderdzoveel, denk ik. Zware, kruidige luchten, smalle steegjes met houten huisjes en om half twaalf gaat de knop van de elektriciteitvoorziening om en de kaarsen aan. Vanaf dan kun je alleen nog bowlen (!). Andere favoriet spel hier; jeu de boules! Jaja Ruud; Luang Prabang is petanque-paradijs! Moet je heen dus. Postkoloniaal cadeautje van de Fransen. Maar, om die reden hebben ze hier ook; La vache qui’rit! En baguettes. maar dan wel met noodles erop en meer van dit soort fusion. Ja, als er geen hordes twintigjarige Britse backpackers waren die hier fles na fles Mekong-whiskey wegzetten, een gram of wat verdunde opium roken en vervolgens de hele avond voor de tv hangen om herhalingen van Friends te kijken (serieus!), zou ik Luang Prabang misschien wel bijna een soort van paradijsje noemen. Graad beter dan Thailand nog.
Of zoals de Lao zelf zeggen same, same, but different…
p.s. Mochten er mensen zijn die zich afvragen waar GMZ is in dit verhaal dan is het misschien goed om te vertellen dat het minimonster na een paar flinke avonden doorhalen met de gasten van het Olympisch promotieteam en Samsong rum, dagenlang met een dikke kater in het hostel heeft gelegen. Hij heeft beloofd in Laos zijn leven te beteren. Helaas zag ik hem vanochtend wel stiekem een happy pancake in zijn lunchzakje frommelen voor op de boot. Ik zal wel weer zonder ‘m op stap moeten vanavond. Geen garanties dat het minimonster nog opduikt dus.
Ik zelf houd het bij streetfood. Niet te versmaden toch die worstjes? Zongedroogd krijg je ze niet bij het karretje met de lachende worst in Kranenburg.

Oh en nu is het moment gekomen dat ik nog een plaatje moet droppen dat ik eigenlijk het liefst angstvallig verborgen houd. Ai… Ching, Marjolijn en Taco, ik buig mijn hoofd nederig en kook voor jullie met kerst 6 wokken pad thai….
Advertenties

Een Reactie op “Same same, but different…

  1. Hey schat, lekker weg aan het dromen tussen de Laose opiumwalmen? Wist je dat veel Thaise zmok (zeer moeilijk opvoedbare kids) verplicht in de leer moeten, en dat tempels dus als een soort van opvoedingskampen dienen? Wist je dat ik binnenkort een klein katje in huis krijg? En dat ik al heel erg bruin ben? Plus dat ik vrijdag in een uiterst afgetakelde club in een berucht ‘gekleurde’ wijk de hele nacht op DJ Tiesto heb staan springen? Schade: 13 euro. Nou, kus maar weer! Toedelater, Mir*

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s